|
Mierenneuker
Laatst werd ik weer eens aangehouden wegens het plegen van een bagateldelict. Wat is nou weer een bagateldelict, zult u vragen. Een bagateldelict is het doen of het laten van een handeling waarvoor je tegenwoordig op de kleuterschool niet eens een standje meer krijgt maar die je wel geld gaat kosten als die handeling is gadegeslagen door een van overheidswege aangestelde bemoeial.
Voorbeeld: een dakloze ruimt de kartonnen doos niet op waaronder hij ’s nachts geslapen heeft. Ziedaar: bagateldelict. Tachtig euro boete. Ander voorbeeld: Iemand ziet dat die dakloze door een agent wordt beboet en roept vervolgens verontwaardigd en met de duidelijke intentie die agent te beledigen: ‘Pannekoek!’. Ziedaar, weer een bagateldelict. Weer tachtig euro in het overheidslaatje. Laatst werd ik dus aangehouden wegens het plegen van een bagateldelict. Wat ik had gedaan? Ik weet het niet eens meer. Laat staan dat ik wat heb geleerd van het betalen van de boete. Want je zou misschien denken dat daar een boete toch voor bedoeld moeten zijn: dat je er van leert en dat je het niet nog eens doet. Maar in Nederland is dat de functie van een boete allang niet meer. Ik verval in uitweiding en bitter gemok. Maar waar het om ging was het volgende: toen ik mijn bon kreeg van de de dienstdoende wout vergeleek ik hem tamelijk hardop met een muggenkezer. Uiteraard met de bedoeling hem in het diepst van zijn ziel te kwetsen. ‘Wat zegt u daar?’, riep de wout. ‘Een muggenkezer’, herhaalde ik. ‘Ik vind u een muggenkezer. Of voor mijn part een darrenrammer. Een vliegenflepper. Een insectenwipper. Een muskietenvozer. Een bijenbonker. Kiest u zelf maar’. Ik had het nog niet gezegd of hij overhandigde me zes bonnen á 80 euro. Totaal 480 euro. ‘Alstublieft. Uw verplichte bijdrage aan de bonus van Eric Staal van Vestia’ specificeerde hij. Ik ontplofte bijna van woede. Toen riep ik heel hard: ‘Mierenneuker!!!’ Maar deze keer heus niet met de bedoeling hem te beledigen. Het bleef merkwaardig stil. ‘Mierenneuker!!! Mierenneuker!!!’, riep ik nogmaals voor de duidelijkheid. Weer niks. Het bonnenboekje bleef in z’n uniformjasje. ‘Wat nu?’, riep ik. ‘Waar blijft de overheidsbemoeienis, als het gaat om een vergelijking tussen een wout en een bespringer van een vliesvleugelige?’ ‘Kijk’, zei de wout. ‘Mierenneuker màg tegenwoordig van de rechter. De rechter vindt dat een feitelijk juiste benaming. In het geval van het beboeten van een bagateldelict is namelijk gebleken dat wij inderdaad mierenneukers zijn. Dat was zijn uitspraak, en daar zullen wij het mee moeten doen’. De agent stapte weer op zijn fiets en reed weg. ‘Luldebehanger!’, schreeuwde ik hem nog na in een poging nieuwe jurispudentie te scheppen. Maar hij hoorde me niet meer.
Geplaatst op: Vrijdag 18 mei 2012 om 09:25 uur
|
414186
bezoekers |