Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Aan de oevers van de Westerschelde

Eens per jaar zwemmen mevrouw Pasgeld en ik in de Westerschelde. Zo ook het afgelopen weekend. Daar was dan ook alle aanleiding voor. Drie weken was het al boven de 25 graden zonder een druppeltje regen! Met nog twee weken van het zelfde in het vooruitzicht!

Aan de oevers van de Westerschelde kan je eigenlijk niet zwemmen. Overal blubber waar je direkt al tot je knieen in wegzakt. Zodat je blij bent, dat je kreunend en steunend weer vaste grond onder je voeten hebt. Maar op een paar plekjes is er aan de Westerschelde een strandje. Met echt zand. Vaak zo’n 500 tot 1000 meter lang. Daar is het wèl goed toeven. Ik ga natuurlijk niet vertellen waar die plekjes zijn. Want voor je het weet zit je ook hier hutje mutje in het zand te genieten van de stampij van de zonovergoten medemens.

Van mijn ’s zomerse strandbezoeken in het verleden kan ik me nog van alles herinneren. Het badpak dat ik van mijn moeder aan moest bijvoorbeeld. Terwijl al mijn vriendjes in een zwembroek rondliepen. En de muien. Dat zijn trekgaten tussen de zandbanken in zee. Het gerucht ging, dat je, als je in zo’n mui terecht kwam, je gewoon verder de zee in moest laten drijven om tenslotte met een grote boog een kilometer verder weer gewoon veilig aan te spoelen. Ook staat me nog goed bij, dat je van ieder bezoek aan het strand nog drie keer zo moe thuis kwam als je al was toen je er heen ging.

Maar in de Westerschelde zijn geen muien. En ik had nu natuurlijk gewoon een zwembroek bij me, zoals dat hoort.
We zetten de auto langs een soort dijk die, zo bleek toen we er beladen met een parasol en een tas vol boeken, puzzels en zwemgoed overheen trokken, aan de waterkant loodrecht door de golfslag was afgeslagen. Om op het strandje te komen moest we dus eerst onze spullen en even later onszelf vier meter loodrecht naar beneden laten vallen.
Maar dan hadden we ook wat: een zandstrandje van ruim een halve kilometer lang! Helemaal voor ons alleen. Als je de tientallen oceaanstomers, die ons op weg naar Antwerpen of de Noordzee door heiige verten voorbijstoomden, niet meetelde.
Nauwelijks met het blote oog te ontwaren zaten er links van ons nog een paar badgasten. En rechts verhieven zich een heel eind verderop de torentjes op de uiteinden van twee havenhoofden.

Eenmaal geïnstalleerd bleek de parasol met een eigen wil behept. Steeds maar weer liet hij zich met de wind mee richting zee rollen. En toen we z’n poot tenslotte muurvast in het zand kregen, bood hij nauwelijks genoeg schaduw aan de twee personen, die het op dat moment toch echt van die schaduw moesten hebben. Al was het alleen maar om te overleven.

Na drie puzzeltjes besloot ik nog meer verkoeling te zoeken in het kraakheldere, lokkende en zachtjes golvende water dat, zover je keek, glinsterde in de zonneschijn. Dat betekende eerst een twintigtal meters door het zachte zand met hier en daar wat wrakhout en overal mooie, grote, lege oesterschelpen. Daarna nog eens een tiental meter door nat zand met slierten zeewier, alg en hier en daar een enkele haaientand. En tenslotte: het water.

De lessen van mijn vader indachtig liep ik met forse tred het water in totdat dat tot mijn heupen stond. Daarna boog ik me met gestrekte handen plat tegen elkaar onverwijld voorover en plonsde mezelf volledig in het water, richting Zeeuws Vlaanderen. Enige forse uithalen met mijn benen en wat forse wijdarmse bewegingen later was ik eigenlijk nog niet veel verder gekomen.
Maar het genot van het zwemmen, de koelte van het water op mijn oververhitte, natte hoofd en een Mevrouw Pasgeld die vanuit de verte onder de parasol naar me zwaaide om te controleren of ik nog niet op het punt stond te verdrinken, vergoedde alles.

Nog drie keer zwom ik die dag. De laatste keer kreeg ik mevrouw Pasgeld zover om mee te genieten.

Toen het weer tijd werd om naar huis te gaan waren we nog vermoeider dan toen de dag begon. En hoe we dat steile duin op de terugweg weer hebben beklommen zal altijd een raadsel blijven. Maar het was een dag om nooit te vergeten!
 
Geplaatst op: Donderdag 26 juli 2018 om 08:25 uur
1470156
bezoekers
© 2018 - Julius Pasgeld