Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Angst voor beginnende dementie?

Vanochtend werd ik zwetend wakker uit een verstikkende droom:
Samen met mijn jongste zoon (net 30 geworden) was ik op bezoek in een tientallen verdiepingen hoge toren waar duizenden kinderen onder begeleiding van een aantal volwassenen bezig waren taakjes te verrichten.
Het was aan ons om na te gaan of die kinderen hun taakjes met plezier deden of dat ze er met hun pet naar gooiden. Bijvoorbeeld omdat het nou eenmaal moest van hun begeleiders en opvoeders.
Na het vervullen van onze taak dienden we verslag van onze bevindingen uit te brengen aan de Rijksoverheid.

Overal in de onderwijstoren was het stampend druk. Alle kinderen leken voornamelijk bezig met het beschrijven van stapels papier, het invullen van formulieren en het uitdraaien van printjes. Soms deden ze dat groepsgewijs. Soms alleen. Mijn zoon sloeg na enig overleg een andere weg in het gebouw in om de zaak in z’n eentje verder te onderzoeken.
Ineens zag ik een bekende onder de volwassen begeleiders. Het was de gemeentesecretaris van het voorstadje van Den Haag waar ik vroeger woonde. Ik spoedde me door de drukte naar hem toe en vroeg wie hier de leiding had. Zodat ik ook met de visie van de hoofdpersonen in deze onderwijstoren mijn rapport over de gang van zaken kon maken.
Maar toen de gemeentesecretaris me zag maakte hij dat hij wegkwam en riep me van verre toe, dat hij later op de dag tijd voor me vrij wilde maken.
Dus ging ik verder met mijn vragen aan al die kinderen in de torenflat en hun begeleiders. Toen ik hun antwoorden wilde noteren merkte ik echter, dat ik wèl schrijfgerei maar géén papier bij me had. Dus vroeg ik een velletje onbeschreven papier aan de kinderen die allemaal tot hun nek aan toe belast waren met papier, printjes en formulieren. Geen van de kinderen bleek een leeg velletje papier voor me te hebben. Nadere bestudering leerde me, dat àl hun papier al van boven tot beneden en van voor tot achter beschreven of bedrukt was. Er was zelfs geen reepje blanco papier meer vrij, dat ik kon gebruiken om er zèlf iets op te schrijven.

Als een soort redder in de nood kwam de gemeentesecretaris ineens met hele stapels papier op me af. Maar ook dat papier zat helemaal vol met dicht opeengeschreven overheidsnotities, verordeningen en bepalingen. Allemaal om ons eraan te helpen herinneren dingen te onthouden die we anders zouden zijn vergeten. Op mijn vraag of de gemeentesecretaris me kon introduceren bij een van de bestuursleden van de stichting die die deze instelling beheerde rende hij weer angstig weg.

Even later kwam ook mijn zoon onverrichterzake terug. Zonder een idee te hebben kunnen krijgen over de essentie van de gebeurtenissen in dat enorme gebouw.
En zonder papier.
Teleurgesteld liepen we weer naar buiten.

Op dat moment werd ik wakker. Wat een rare droom, dacht ik. Die moet ik opschrijven. Anders vergeet ik hem.
Om de ’s nachts plotseling opkomende gedachten en lucide dromen te noteren heb ik een balpen en een klein notitieboekje in mijn nachtkastje liggen. Dat haal ik dus tevoorschijn. Op zoek naar een lege bladzijde om de meest essentiële onderdelen uit mijn droom op te schrijven.
Maar wat blijkt? Het boekje is al helemaal volgeschreven. Dicht opeen staan er zinnen en de woorden die vanaf de eerste tot en met de laatste bladzijde alle ruimte in nemen. Met nergens, maar dan ook nergens een halve lege pagina of een leeg strookje om zelfs maar met een paar woorden mijn wonderlijke droom samen te vatten.

Verstijfd van schrik ga ik rechtop in bed zitten. Wat nu? Ben ik nog steeds niet wakker? Droom ik nog steeds?
Naar de betekenis van de droom kan ik slechts gissen.
Was het angst voor beginnende dementie waarin ik, verstoken van mijn eigen nototies op den duur alles zal vergeten?
Was het een teken aan de wand? Dat de toekomst nu al helemaal vast zit en dat we met z’n allen de vrijheid en de blijheid van het bestaan uit het oog dreigen te verliezen?
Of was het symboliek? De huidige jeugd, die door steeds meer regels wordt verstikt, bijvoorbeeld?

Nergens meer een plek om dat op te schrijven.
Behalve hier.
 
Geplaatst op: Donderdag 3 september 2020 om 08:03 uur
1845113
bezoekers
© 2020 - Julius Pasgeld