Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

`Bedankt voor uw begrip`

Steeds als ik na fors overheidsingrijpen in ons wegennet het bord ‘Bedankt voor uw begrip’ lees, moet ik een gevoel van wrevel onderdrukken. Begrip? Wat nou begrip? Ik had helemaal geen begrip! En nu gaat men mij, zelfs nog voordat ik daartoe in de gelegenheid was, reeds bijvoorbaat betichten van het tonen van begrip! Als dat geen ziekelijke overheidsmanipulatie is, weet ik het niet meer.

En dan nu iets heel anders.
Regelmatig beoefen ik de edele kunst van het biljarten met een stel vrienden. Omdat onze oude stek in de Kazernestraat verbouwd werd moesten we uitzien naar een tijdelijk onderkomen. Dat werd het biljartcentrum van Henk en Catry in de Heelsumstraat. Na wat zoeken en omrijden vond ik het. Ik parkeerde mijn auto om acht uur ’s avonds in deze Haagse woonwijk, die op dat tijdstip ruim voorzien was van lege parkeerplaatsen.
Nu moet u weten dat ik in de afgelopen jaren vanwege de meest waanzinnige overtredingen bonnen aan mijn broek heb gekregen. Daarom zette ik een bord, dat ik speciaal voor deze gelegenheden in mij auto heb liggen achter mijn voorruit. ‘Bedankt voor uw begrip’ staat er op dat bord. Het is vooral bedoeld om het wat dommere politievolk (dat alleen maar vanwege het bonnenquotum aan het bekeuren is over de rug van de medemens) inzicht te doen verkrijgen in een wat ruimhartiger wereld. ‘Bedankt voor uw begrip’, stond er dus te lezen achter mijn voorruit.
Want niet alleen wij dienen begrip te hebben voor de overheid, zo meen ik ten volle, maar ook de overheid mag zolangzamerhand wel eens wat meer begrip tonen voor de gewone burger.

Het werd een buitengewoon genoegelijke avond in het biljartcentrum van Henk en Catry. Ik wist mijn moyenne met 0,03 op te halen. En in de laatste ronde, waarin we altijd tien over rood doen, excelleerde ik op ongekende wijze. Al zeg ik het zelf.

Fluitend liep ik dus met mijn keu in mijn koffertje om kwart voor twaalf ’s avonds weer terug naar mijn auto. Daar aangekomen zag ik een witte strook onder mijn ruitenwisser. Hé, dacht ik. Een merel heeft ter hoogte van mijn voorruit aan buikloop geleden. Maar het was natuurlijk weer een bon. Niet zo’n mooie gele bon als weleer. Want tegenwoordig is vrijwel niets zo mooi meer als weleer. Maar een ordinaire witte kassastrook. Er stond iets van 52 euro op en een nummer van een naamloze controleur (9486) die als een dief in de nacht om 23:13 uur die strook tussen mijn ruitenwisser had gepropt. Het had iets met parkeren te maken.
Parkeren? Om kwart over elf ‘s avonds in een gewone, rustige woonwijk waar overal meer dan genoeg parkeerplaatsen waren? Na grondige bestudering van de omgeving zag ik nu inderdaad pas, dat er hier en daar borden stonden dat het betaald parkeren was tot 24 uur! Wie verwacht nou zoiets in een gewone woonwijk waar genoeg parkeerplaatsen zijn?

De volgende ochtend ontving ik acht e-mailtjes. Allemaal van mijn biljartvrienden. Ook zij, die bepaald niet achter in de rij hadden gestaan toen de intelligentie werd uitgedeeld, hadden niet in de gaten gehad dat je daar niet zomaar mocht parkeren. Ook allemaal een bon.
Lang leve de overheid.
Enne… directeur van de parkeerbelasting, bedankt voor uw begrip, hè!
Geplaatst op: Vrijdag 21 mei 2010 om 09:05 uur
1821726
bezoekers
© 2020 - Julius Pasgeld