Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Bij ADO komen ze er wel mee weg


Onlangs een enorme bonje met mevrouw Pasgeld. Wat wil het geval. Ik zal het uitleggen. Ik ben de laatste tijd nogal enthousiast aan het biljarten. Daarvoor heb je een keu nodig en drie ballen. Zoiets kost je de kop niet. Dat kon ik allemaal zelf nog wel betalen. Voor het gebruik van een biljarttafel ging ik naar een biljartcentrum. Kopje koffie erbij. Een paar ouwe klare’s. Ook dat kon bruin nog wel trekken.

Maar ja. Je weet hoe die dingen gaan. Ik werd een beetje erg enthousiast. Ik wilde zèlf een biljarttafel. En voor minder dan een echte Rootheart DeBaron 115x 230 met bolpoten deed ik het niet. Op het dak van ons huis liet ik een opbouw maken met een biljartzaal erin. Zo eentje waar je door matglazen deuren naar binnen moet en in dat matglas staan dan twee gekruiste keu’s met daarboven in sierlijk gekrulde letters: ‘Biljartzaal Ons Genoegen’
U begrijpt, daar was flink wat geld voor nodig. En dat had ik niet. Ik leende het van mevrouw Pasgeld. Die had er eerst weinig fiducie in. Maar ik beloofde haar dat ik me weldra zou ontwikkelen tot een superbiljarter in de allerhoogste regionen en dat zeer veel mensen mijn schitterende prestaties zouden aanschouwen en dat we dan entreegeld van ze zouden kunnen vragen. Sponsors zouden zich verdringen om te mogen bijdragen aan mijn roem. En met dat alles, zo bezwoer ik haar, zou dan ook Den Haag zijn gediend. Want zeg nou zelf: wat is een stad als Den Haag zonder een top-biljarter?

Na al die mooie praatjes leende mevrouw Pasgeld me tenslotte dat geld en het duurde niet lang of er stond op mijn dak een prachtige biljartzaal met hele mooie matglazen deuren en met speciale zithoekjes voor rijke stinkerds. Hier en daar wat camera’s voor de zekerheid. En drie togen voor de liefhebbers.

Het enige is nu, dat het nog niet helemaal wil vlotten met mijn moyenne en ook de twee- en driebandstoten gaan nog niet helemaal zoals ik zou willen. Betalend publiek? Ho maar. Alleen mijn kleinzoon komt af en toe de trap wel eens op om te kijken wat opa aan het doen is. Ook geen sponsors. Ja. Een oud-leerling van me, Mark van der Kallen, heeft wel interesse om mijn biljartzaal te kopen. Alles wat mislukt is koopt hij op voor een prikkie. Nu wil hij mijn biljartzaal hebben voor de helft van de prijs die ik ervoor heb betaald. Ik denk toch, dat ik maar op dat aanbod inga. Ik moet wel. Want ik heb inmiddels veel meer uitgegeven dan ik van mevrouw Pasgeld heb geleend. En dan kan ik tenminste iets terugbetalen aan haar en aan de leveranciers en de de architecten. Niet alles natuurlijk. Een duur adviesbureau raadt mij aan slechts een kwart van mijn schulden te voldoen. Ze menen dat mijn schuldenaren daar wel genoegen mee zullen nemen als ik dreig met een faillissment. Want in geval van faillissement krijgen ze niks.

Maar mevrouw Pasgeld neemt er geen genoegen mee.
Ze is furieus.
‘Bij ADO komen ze er wèl mee weg’, probeer ik nog. Maar dan slaat mevrouw Pasgeld een van mijn 125 Longoni-keu’s van rozenhout met olijfhouten inleg a 2.950 euro per stuk op mijn hoofd doormidden. ‘Mijn geld terug, achterlijke gladiool”, roept ze.

En nu ga ik maar weer gewoon met een Artemis-keutje van esdoornhout onder mijn arm naar het biljartcentrum.
Want wat is er eigenlijk mis met gewoon een beetje leuk biljarten?
Geplaatst op: Donderdag 7 februari 2008 om 16:49 uur
383382
bezoekers
© 2012 - Julius Pasgeld