Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

De dood van Helena

Helena is vorige week geheel onverwacht van ons heengegaan. Helena was een kip. We hadden twee kippen. Een witte en een bruine. De bruine heet Suzanna en de witte was Helena. Nu is Helena er niet meer.

We gedenken haar met gepaste eerbied. Hoe goed staat ons nog bij, dat ze, zes maanden oud, bij ons introk. Suzanna hadden we al. Die had ons laten weten dat ze zich zo alleen voelde in dat grote kippenhok bij ons achter in de tuin. Dus kochten we Helena voor haar. Voor elf euro. Als we Helena nu in een doosje met een cellofaantje erom in de supermarkt hadden gelegd was ze dood meer waard geweest dan levend.

Maar toen was Helena nog maar zes maanden. Ze had grote moeite om zich aan de pikorde te onderwerpen die Suzanna inmiddels in haar eentje in het kippenhok had opgesteld. Zo mocht ze pas eten als Suzanna genoeg achter de snavel had. En in de periodes dat Suzanna broeds was, en dus geen eieren legde, mocht Helena niet zèlf op haar zojuist gelegde ei zitten, maar deed Suzanna dat voor haar. Al was het maar om mijn complimenten in ontvangst te nemen die ik altijd gaf als ik een ei onder de kippen vandaan haalde. Alleen jammer, dat de eieren die Suzanna legde als ze niet broeds was, bruin van kleur waren. En die van Helena wit. Dus moest ik me iedere keer stevig inhouden om Suzanne geen lel voor haar kippenkop te geven als ik een wit ei onder haar vandaan haalde. Wel sprak ik haar in dergelijke gevallen steeds bestraffend toe. Zo van: ‘Dat ei ís helemaal niet van jou. Je moet echt niet denken dat ik daar intrap. Laat Helena nou toch alsjeblieft even op haar eigen ei zitten, ja’. Maar dat maakte geen enkele indruk.
Het was hemelschreiend om aan te zien. Suzanna ontpopte zich in de aanwezigheid van Helena zo tiranniek dat Trump of Erdogan daar nog heel wat van hadden kunnen leren.


En dat terwijl Helena, in de twee jaar dat ze bij ons in het kippenhok rondliep, de zachtheid zelve was. Ze schikte zich overal en altijd in iedere situatie. Bij elkaar opgeteld legde ze ruim 600 eieren. Potentieel nageslacht dus. Dat wij bij gebrek aan een haan dan maar als voedsel beschikbaar stelden aan onze familie.
Ik heb het wel eens nagevraagd. Maar niemand scheen tijdens het nuttigen van zo’n ei aan Helena te denken. Wij zelf ook niet trouwens. Zo heeft Helena tijdens haar leven nooit echte dankbaarheid leren kennen. Maar ze sloeg zich overal dapper doorheen. Geen moeite was haar teveel. En vaak paradeerde ze als een pauw zo trots door het kippenhok.

Wat ik in Helena trouwens ook zo waardeerde was haar vrijheidsdrang. Twee keer heb ik de omheining van het kippenhok moeten verhogen omdat ze steeds kans zag, daarovereen te ontsnappen. En daarna moest er zelfs een slotje op het deurtje van het leg- en poepappartment op de eerste verdieping. Omdat ze kans zag dat deurje zelf met haar snavel te openen en dan vandaaruit de vrijheid tegemoet te gaan. Tot drie keer toe hebben de buren met Helena in hun handen bij ons voor de voordeur gestaan omdat Helena op die manier ergens bij hen in de achtertuin was geraakt.

En nu is Helena niet meer. Lang zal ze nog in onze gedachten blijven. Tijdens haar begrafenis bij ons in de achtertuin hebben mevrouw Pasgeld, Suzanna en ik een wijle rond haar graf verkeerd. Uit volle borst heb ik daar ‘Abide with me, fast falls the eventide. The darkness deepens, Lord with me abide’ ten gehore gebracht.
Zelfs Suzanna moest er even van huilen.
 
Geplaatst op: Donderdag 2 augustus 2018 om 08:49 uur
1470154
bezoekers
© 2018 - Julius Pasgeld