Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

De kindjes van Marnix Norder

‘Dank voor uw uitnodiging. Op 6 april opent Minister Schultz samen met  burgemeester Van Aartsen de nieuwe Boulevard. Die nieuwe boulevard is een beetje een kindje van mij waar ik jarenlang voor heb geknokt. Kwaliteitsverbetering, economie, toerisme, kustveiligheid en architectuur wordt hierin met elkaar verenigd. De boulevard staat symbool voor de wijze waarop ik tegen stadsontwikkeling aankijk: vanuit het verleden werken aan de toekomst. Ik hoop u 6 april te ontmoeten
Veel geluk met uw boekpresentatie.
Met de meeste Hoogachting,
Marnix Norder’.

Aldus het antwoord van wethouder Marnix Norder op mijn uitnodiging aan hem om op 4 april aanwezig te zijn bij de presentatie van het ‘Boekje open over Marnix Norder’ in boekhandel Van Stockum. Dat boekje bevat alle columns die ik de afgelopen zes jaar over Norder schreef.
Eerder had ik Norder al gevraagd of hij het voorwoord voor het boekje wilde schrijven. Norder antwoordde me toen, dat hij geen aanleiding zag een bijdrage te leveren en wenste me veel succes met de voorgenomen publicatie. Nadat het boekje van de persen kwam, vroeg ik Norder of hij er voor voelde het eerste exemplaar in ontvangst te nemen. Daar kreeg ik nooit antwoord op.

En nu dit weer. Op mijn uitnodiging aan hem om dan in ieder geval zo sportief te zijn de uitreiking van het eerste exemplaar aan Joris Wijsmuller van de Haagse Stadspartij bij te wonen, reageert hij slechts met de mededeling ‘dat de nieuwe boulevard in Scheveningen een kindje van hem is’.  En dat hij daar ‘jarenlang voor geknokt heeft’.  En dat hij het zelf ‘vanuit het verleden naar een nieuwe toekomst’ allemaal zo fantastisch heeft gedaan! Maar dàt vroeg ik hem niet. Ik vroeg hem of hij aanwezig wilde zijn bij de uitreiking van het boekje dat helemaal, van de eerste tot de laatste bladzijde over hem gaat.
Niet dus. Hij was in geen velden of wegen te bekennen. Was ongetwijfeld doende met het knokken voor weer iets nieuws. Of had het te druk met werken vanuit het verleden naar de toekomst.

Druk was het trouwens ook tijdens die uitreiking bij Van Stockum. Talloze lezers van mijn columns waren komen opdagen om een exemplaar te bemachtigen. Ik droeg een gedicht voor over Den Haag en las een column uit het boekje. En samen met de aanwezigen kwamen we tot de slotsom dat het niet gaat om Marnix Norder of om Julius Pasgeld. Maar dat het gaat om Den Haag. Dat het gaat om méér groen, om méér lucht en om méér ruimte voor de Haagse inwoners. En dat dat ‘jarenlang knokken’ van Norder misschien leuk is voor toeristen, expats en rijkgeworden groentboeren maar dat dat alles -nu al zichtbaar- leidt tot minder groen, minder lucht en minder ruimte voor de gewone Hagenaars zelf.

Stel je voor! Straks kom je overal in Den Haag kindjes van Norder tegen. Boulevardkindjes. Grote-gebouwen-in-duinen-en-plantsoenenkindjes. M-kindjes. Leegstaande-kantorenkindjes. Kabelbaankindjes. Torenhoge-sky-line-kindjes. We-hebben-zonder-vergunning-overal-de-bomen-weggehaald-kindjes. Herrie-kindjes. Haast-kindjes. Hoogbouwkindjes.

Terwijl het zo leuk zou zijn, als je in Den Haag onder een gewone boom ook eens een gewone Hagenaar met een menselijke maat tegen zou komen.
Geplaatst op: Vrijdag 12 april 2013 om 08:48 uur
1793441
bezoekers
© 2020 - Julius Pasgeld