Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Dementievriendelijk

Het vrijwilligershuis in de gemeente waar wij verblijven verblijdde me onlangs met een mooie witte balpen. Aan de zijkant zat een metalen strookje waar je aan kon trekken. Zodat er een papiertje uitkwam waar een tekst opstond. Als je dat strookje losliet rolde dat papiertje zich vanzelf weer op in de balpen.
Er stond:

Tien signalen van dementie:
●Vergeetachtigheid
●Problemen met dagelijkse handelingen
●Vergissingen met tijd en plaats
●Taalproblemen
●Kwijtraken van spullen
●Slecht beoordelingsvermogen
●Terugtrekken uit sociale activiteiten
●Veranderingen in gedrag en karakter
●Onrust
●Problemen met zien

Bij de balpen zat een brief, waarin stond dat het met behulp van deze lijst wellicht wat makkelijker was om dementie in onze omgeving te herkennen. Zodat we dan tijdig passende maatregelen konden nemen. En zodoende de omgeving voor onze gestoorde medemens op passende wijze dementie-vriendelijk konden maken.

Nadat ik van een en ander kennis had genomen zeeg ik verbijsterd neer in de dichtstbijzijnde luie stoel. Acht van de tien signalen had ik bij mezelf herkend!! Alleen Taalproblemen en Terugtrekken uit sociale activiteiten niet!
Maar voor de rest had ik het allemaal. Sommige signalen zelfs in hoge mate!
Was ik zèlf misschien dement geworden zonder dat ik daar erg in had? Zou natuurlijk best kunnen. Dementie sluipt erin. En voor je het weet loop je met molentjes.
Ik weet het nog van mijn moeder. Die belde me in haar laatste periode om me te vertellen dat ze meer dan een miljoen euro had gewonnen! Haastig spoedde ik me met de auto naar het verzorgingshuis om het goede nieuws met haar te delen. Nadat ik was gearriveerd liet ze me een recente bankoverschrijving zien en wees op haar gironummer: een getal van zeven cijfers.
‘Meer dan een miljoen!’, riep ze blij.
‘Geweldig!’, zei ik. ‘Gefeliciteerd. Nou hoef je je nooit meer zorgen om geld te maken’.
Want ook zonder balpen wist ik toen al hoe ik haar omgeving op een passende wijze dementie-vriendelijk kon maken.
.

Zover is het misschien nu nog niet met me, bedacht ik me. Maar een flink eind moet ik toch al heen zijn.
●Laatst vond ik mijn bril bijvoorbeeld na urenlang zoeken in de magnetron.
●Steeds vaker denk ik ’s middags om drie uur dat het al half vijf is.
Waarschijnlijk, omdat ik van mezelf pas om half vijf een borreltje mag.
●Volgende week moet ik, nu al voor de zevende keer, naar de oogdokter.
●En onrust? Praat me er niet van. Ik word al onrustig als de vlaggetjes niet
alleen op Koningsdag rond het plein wapperen, maar ook nog twee weken
ervoor en erna.
●Om nog maar te zwijgen van mijn veranderingen in gedrag en karakter. Ik ben
namelijk een stuk vriendelijker geworden dan dat ik vroeger was. Dat komt
vooral omdat alles me nu lang niet meer zoveel kan schelen als vroeger.
●Ook zijn mijn dromen tegenwoordig wars van positieve verwachtingen.
●Bovendien, ik zeg het maar eerlijk, is mijn geneigdheid tot wellust de laatste
tijd behoorlijk aan het tanen.
●En ben ik allergisch geworden voor hoogdravendheid en mooipraterij in al haar verschijningsvormen.

Noem het maar niks. Het past allemaal precies in de beschrijving van de signalen die op dat papiertje in die balpen staan. Dement dus. Ik. Het kan bijna niet anders.
Het is maar goed, dat ze me die pen hebben gestuurd. Anders zou ik helemaal vergeten zijn, dat ik dement geworden ben.
 
Geplaatst op: Donderdag 11 juli 2019 om 08:13 uur
1575622
bezoekers
© 2019 - Julius Pasgeld