Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Huisvuilgrens

Die goeie, ouwe huisvuilgrens. Sinds de jaren zeventig al een bron van onrust in veel relaties. Laatst was het weer zover. ‘Er moet nodig weer eens worden stofgezogen’, sprak mevrouw Pasgeld. Ik voel me dan onmiddellijk aangesproken omdat stofzuigen nou eenmaal deel uitmaakt van mijn takenpakket in ons huishouden.

‘Neen’, sprak ik ferm. ‘Ik heb vorige week nog stofgezogen. Sinds de kinderen het huis uit zijn zuig ik slechts eens in de veertien dagen stof.’
Waarop mevrouw Pasgeld mij de hoopjes stof toonde die ze in de afgelopen week reeds met een bezem in allerlei hoekjes had geveegd om te bewijzen dat er nog steeds eens in de week met de stofzuiger moet worden rondgegaan.
Daarop stelde ik voor een stofzuigrobot aan te schaffen. U weet wel, zo’n ding dat geheel automatisch en vanzelf de boel schoonzuigt. In maaimachinevorm zoeven ze al jaren in groten getale over de gazons van de welgestelden. Maar voor slechts 100 euro kon men zo’n ding nu ook in de vorm van een stofzuiger bekomen.

‘Voor 100 euro stofzuig ik liever zelf’, zei mevrouw Pasgeld.
‘Maar’, zo wierp ik tegen, ‘het is juist zo’n leuk gezicht, zo’n robot die het werk voor je doet.
‘Dan doe ik wel een leuk kort rokje aan tijdens het stofzuigen. En een bloes met een laag decolleté. Dat is ook een leuk gezicht en als ik me dan ook nog een beetje houterig en stoterig beweeg heb jij toch nog een beetje een idee van een leuke robot die het werk voor je doet.’

Aldus werd afgesproken. Voor een proefperiode van een half jaar zou mevrouw Pasgeld voor de ronde som van 100 euro eens per week een beetje houterig gaan stofzuigen in sexy kleding.
Dat was wel lachen in het begin. Mevrouw Pasgeld deed echt haar best. Af en toe wierp ik vanuit mijn luie stoel over mijn krant een blik naar de werkzaamheden. Ze is werkelijk de liefste vrouw van de wereld. Af en toe zette ze als een volleerd actrice een botsing in scene van haarzelf met een stoel of een tafel. Om zo de suggestie te wekken dat er een robot in de weer was. Kijk, dacht ik tevreden. Als dìt de oplossing is van het probleem van de huisvuilgrens waar we in de jaren zeventig zo mee hebben geworsteld dan ben ik er nu toch heel behoorlijk van af gekomen.

Na drie weken gaf mevrouw Pasgeld er de brui aan.
‘De robot is kapot’, zei ze resoluut. ‘Bovendien deed-ie het niet goed. Hij kwam niet in alle hoeken en gaatjes. Hij sloeg hele oppervlaktes over. Maar sommige stukken deed hij wel vijf keer.’ En ze voegde eraan toe, dat dat trouwens geheel conform de ervaringen was, die haar vriendin met zo’n echte robotstofzuiger had.

Daar zat ik dan. Mevrouw Pasgeld had nu drie keer stofgezogen voor een bedrag van 100 euro. Dat hadden we direct al afgerekend. Traag drongen de drie overgebleven mogelijkheden tot me door. We konden een echte robot kopen. Maar als die dingen het inderdaad niet goed deden hadden we daar niks aan. Ik kon een nieuw contract sluiten met mevrouw Pasgeld. Maar dan zou ze vrijwel zeker na drie keer toch weer kapot gaan. Dat zou toch echt wat teveel in de papieren gaan lopen. De derde mogelijkheid was, dat ik deze huishoudelijke taak zelf weer ter hand zou nemen.
Zuchtend stond ik op en haalde de stofzuiger uit de kast.

‘En denk eraan. Niks geen eens in de veertien dagen! Gewoon iedere week, hè’, riep ze me toe terwijl ze me een blik over haar krant toewierp vanuit haar luie stoel.
Geplaatst op: Vrijdag 17 mei 2013 om 08:25 uur
1793462
bezoekers
© 2020 - Julius Pasgeld