Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Liefde

Ik weet niet of mijn ouders veel van elkaar gehouden hebben. Toen ik op de leeftijd was waarop ik dat gewaar had kunnen worden wist ik nog maar weinig van liefde en genegenheid. De enige aanwijzingen die ik daaromtrent kreeg waren uitgerekend afkomstig van de manier waarop mijn ouders zelf met elkaar omgingen. Men zegt wel eens, dat men van zijn ouders leert wat liefde is, omdat dat het enige beschikbare referentiekader is waarover men gedurende de hiervoor gevoelige leeftijdsperiode beschikt. Maar zelfs toen wist ik al, dat de wereld meer bevatte dan wat er in de onmiddellijke nabijheid plaatsvond. Al was het alleen maar vanwege de bioscoopadvertenties in de courant. Die waren gelardeerd met afbeeldingen die geen enkele, maar dan ook geen enkele relatie hadden met hetgeen er bij mij thuis gebeurde. Nu is het algemeen bekend dat kinderen zich ongaarne een voorstelling maken van de intieme omgang hunner ouders. En dat zal best wel ergens goed voor zijn. Maar toch kan ik rustig stellen, dat mijn ouders geen toonbeeld van een vurige, hartstochtelijke relatie waren. Nimmer zag ik mijn moeder verstrikt in een tomeloze omhelzing van mijn vader. Zelden zag ik mijn ouders verleidelijker dan in grote, groffe onaantrekkelijke lingerie die zich toen vooral kenmerkte doordat het weinig strak aansloot op de te verhelen lichaamsdelen. Zodat je in dergelijke gevallen voor de zekerheid de blik maar helemaal afwendde van vader of moeder.

Hebben mijn ouders veel van mij gehouden? Ook dat weet ik niet. Wel hebben ze zich veel opofferingen getroost en zich erg veel zorgen gemaakt tijdens mijn wandeling naar de volwassenheid. Later was dat trouwens meer een tocht op de brommer. Een Batavus buikschuiver. Die kreeg ik op mijn zestiende. Omdat mijn vader vroeger altijd zelf wel een Batavus buikschuiver had willen hebben maar nooit mocht bezitten. Zelf had ik graag een Puch willen bezitten. Ik zal het nooit vergeten. Geven vaders die van hun zoons houden hun kinderen op hun verjaardag een Batuvus terwijl ze zo duidelijk een Puch wensen? Waarschijnlijk wel als zo’n zoon nog geen half jaar daarvoor tijdens joy-riding met een ‘geleende’ Puch onderuit was gegaan en twee voortanden had moeten missen gedurende de rest van zijn leven. Ik weet het nog goed. Het was de enige keer dat mijn vader mij heeft geslagen. Met een stoel. Ik moest er eigenlijk wel om lachen. Maar ik durfde niet goed. Hij was zo serieus bezig. Ik wenste hem bij de praktische uitvoering van zijn immer beleden theoretische pedagogie niet te hinderen. Dus liet ik me slaan. Als hij het niet had gedaan had ik hem veracht. Een uur later kwam mijn moeder mij in bed een zoen brengen. Ze moet hebben gedacht dat ik nog steeds lag te schokschouderen van het huilen. Want zoiets gebeurt altijd in boeken. Is dat liefde? Een uiting van zorg? Of van schuldgevoel dat vader zich zo had laten gaan? Ik weet het nog steeds niet.

Heb ik veel van mijn ouders gehouden? Ik denk het niet. In de eerste plaats wist ik nog niet goed hoe dat moest. Ik had immers slechts beperkte voorbeelden voorhanden. Maar wat belangrijker is: ik geloof stellig, dat het niet de bedoeling van de schepper is geweest, dat kinderen van hun ouders houden. Eren. Ja Eren wel. Eert uw vader en uw moeder. Als het moet tegen heug en meug. Maar houden van? Nee. Dat toch niet. Het gekke is, dat er hele volkstammen ouders rondlopen die dat wel verwachten. Die verwachten van hun kinderen, dat ze van hen houden. Terwijl het andersom had moeten zijn.
Waarschijnlijk is er van die ouders, toen ze zèlf klein waren, op hun beurt nooit gehouden door hun ouders.
Ik heb inmiddels veel fouten gemaakt bij de opvoeding van mijn eigen kinderen. Maar nooit heb ik van ze verwacht, dat ze van me hielden.
Wellicht is dat de enige aanwijzing, dat mìjn ouders toch van me hielden.
Geplaatst op: Zaterdag 12 augustus 2006 om 19:30 uur
383380
bezoekers
© 2012 - Julius Pasgeld