|
Met je jatten in een kokosnoot
Indianen in Zuid-Amerika hebben een slimme manier om apen te vangen. Ze binden een lege kokosnoot met een gat van een zekere diameter aan een boom en doen wat voedsel in die kokosnoot. Vroeg of laat komt er een aap langs. Die kijkt in de kokosnoot en ziet dat er wat lekkers inzit. Dan steekt-ie z’n hand in de kokosnoot om het eruit te halen. Dat gaat net. Maar z’n vuist is mèt dat lekkers erin net iets te groot voor dat gat. Zodat hij dat eten weer los moet laten om z’n hand eruit te krijgen. Maar dat doet die aap niet. Het instinct om z’n honger te bevredigen is sterker dan z’n vrijheidsdrang. En zo zit die aap dan net zolang aan die boom vast tot er een indiaan langskomt die hem in de pan hakt.
Overdrachtelijk gezien is het al even treurig met de moderne mens gesteld. Die zit ook met z’n handen vol vreten en z’n huis vol goederen vast aan de consumptiemaatschappij. En het is nooit genoeg. Er kan altijd nog meer bij. Muurvast zit-ie. Met zijn leningen en maandelijkse tekorten kan hij geen kant meer op. Gestuurd door de piepjes, bliepjes en cursortjes van de communicatiereuzen, gekluisterd aan de electronische detectielussen en de slimme meters van de energie-giganten holt hij van de ene machine naar de andere in de veronderstelling, dat hij de teugels zelf in handen heeft. Maar nee. Het zijn de machines die hém in handen hebben. Hij zit met z’n jatten vast in de kokosnoot. En nog steeds denkt hij: Hebben! Kopen! Pakken! Vasthouden! Meer! Meer! Net zolang tot hij door een deurwaarder, een incassobureau, een rechter of een politieagent van de boom wordt geplukt en in de pan wordt gehakt. En dat, terwijl je gewoon even je handen open had kunnen doen om er wat uit te laten vallen. Je had iets minder i-pods, iets minder i-phones kunnen kopen. Iets minder benzine kunnen tanken of zelfs je auto gewoon helemaal weg doen. Kijk eens aan. Zie je wel. Daar zwaait de deur van de penetentiaire inrichting, die ook wel consumptiemaatschappij genoemd wordt, open. Je past door die deur. Je kan er uit. De vrijheid tegemoet. Gierend van de lach stap je uit het gareel en laat de menigte horigen achter je. Een ontzielde menigte die zich, wapperend met beurtnummertjes en gehuld in de laatste voorgeschreven klederdracht, maar al te graag laat vastklinken aan de loketten der luxe.
Geplaatst op: Zaterdag 30 augustus 2008 om 16:22 uur
|
253945
bezoekers |