Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Moord en doodslag op het Dorpsplein

 Het is weer zover. De meest verschrikkelijke tonelen spelen zich af op enkele teintallen meters van ons woonkamervenster.
Het begon er al mee dat een of meerdere vrouwtjeseenden eind februari maar liefst 20 eieren in ons voortuintje deponeerden om, indachtig de leer van Darwin, in nieuwe omstandigheden nieuwe kansen voor hun nageslacht te bieden.
Tevergeefs. Veel te vroeg. Veel te koud.
Ik heb er zelf nog even op gezeten. Maar ook dat hielp niet. Uiteindelijk hebben we de eendenkuikentjes in spé maar in de GFT-bak gegooid.

Nu, begin mei, bevinden zich overal op, rond en achter het plein nesten met bezorgde vrouwtjeseenden erop.
Daaraan voorafgaand had een spektakel plaats waarbij de haren je af en toe te berde rezen. Vier, vijf mannetjes stonden in de rij te wachten tot het eerste mannetje klaar was. Ook was het onderwater duwen van het vrouwtje tijdens de cohabitatie dit jaar weer een veel voorkomende misstand. Vreselijk allemaal. Onbegrijpelijk dat de vrouwtjeseenden nog geen #metoo actie zijn begonnen.

Als de hitserigheid wat geluwd is zijn de mannetjes ook ineens veel minder geinteresseerd. Eens per dag bezoeken ze het vrouwtje bij het nest enkele minuten om te controleren of de vrouwtjeseenden nergens tekortschieten. Om daarna weer snel hun eigen vertier in de Vaete (de vijver op het Dorpsplein) weer op te vatten. Mensenmannetjes hadden dat vroeger ook. Die hadden ook geen interesse in kleine kinderen. Maar dat schijnt te veranderen. Steeds meer zie ik mannen achter kinderwagens. Maar zover is het in de eendenwereld nog lang niet.

Gisteren was er een nest uit. Zes kleine eendjes. Je hart smelt als je ziet hoe ze zich onmiddellijk na hun opstanding uit het ei zo ver mogelijk bij hun moeder vandaan wagen. Zover zelfs, dat de pleinbewoners die dat zien (waaronder ik) haastig naar de scharrelende kuikentjes lopen om ze met niet mis te verstane handgebaren weer dichterbij hun moeder te dirigeren.
Ook automobilisten stoppen voor de kleine eendjes die al direct na hun geboorte de weg oversteken of het niks is. Dan worden er door de voorruit foto’s gemaakt en medepassagiers stappen uit om de bestuurder te informeren of hij door kan rijden zonder dood en verderf te zaaien op het plein. Vaak lukt dat. Vaak ook niet.

Ook de verwoede pogingen van de pleinbewoners om poezen, reigers en kraaien bij de kuikentjes weg te houden mogen hier niet onvermeld blijven. Maar wat wil je. Als een reiger heeft besloten om in de gehele maand mei gedurende vier uur per dag domicilie te kiezen aan de oever van de Vaete, teneinde zich te verzekeren van een lekker hapje, doe je daar als pleinbewoner bitter weinig tegen. Ja. Afschieten die reiger, zou je zeggen. Maar jeetje, het zijn hier de Oostvaardersplassen niet.

De dag nadat de eerste worp van zes kuikentjes zich over het gras en het water van het plein had verspreid, keek ik uit het raam en telde er nog maar drie.
Maar niet getreurd. Er komen binnenkort nog veel meer nesten uit. En steeds, als ik met mijn biljartkeu het plein oversteek om in het Dorpshuis aan de ander kant van het plein een potje libre of tien over rood te doen, sta ik even stil om ze te tellen. Dan zijn er bijvoord 12 volwassen eenden en ruim 30 eendekuikentjes.

In de loop van het jaar blijven daar twee kuikentjes van over die volwassen worden. En gaan er twee volwassen eenden dood.

Wat een moeite allemaal.
Geplaatst op: Donderdag 3 mei 2018 om 08:03 uur
1416834
bezoekers
© 2018 - Julius Pasgeld