Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Ons dorp

Bijna een jaar nu wonen mevrouw Pasgeld en ik in deeltijd in een dorp. We pendelen steeds op en neer. Waar het is zeg ik niet. Want het is een mooi dorp dat bijna uitsluitend bestaat uit een rustiek plein vol statige bomen en een kerkje met wat huisjes eromheen. We wonen daar met zo’n 500 mede-inwoners. In de weekenden en de vakanties schuilen er, als het regent, wel eens wat wandelaars en fietsers van buiten in de muziektent op het plein. Maar er komen geen toeristen met auto’s en blerende radio’s en jengelende kinderen die vragen waar je hier patat ken krèguh.
Dat willen we graag zo houden. En daarom zeg ik dus niet waar het is.

Vorige week was er een vergadering van de dorpsraad. In het dorpshuis. Dat was voor iedereen hooguit twee minuten lopen. Eerst kregen we koffie en maakten een praatje met elkaar. Mij kenden ze nog niet. Maar ze hadden me wel eens gezien en ze wisten dat ik ook nog zo’n beetje in Den Haag woonde. Dat is op zich al verdacht. Want uit Den Haag komen alle plannen die ze in het dorp niet moeten. Maar toen ik eenmaal naar eer en geweten had verteld dat ik iedere keer lachend naar het dorp reed en huilend weer terug naar Den Haag was het ijs gebroken.

Punt één op de agenda waren de mededelingen. De belangrijkste daarvan was, dat er in het wandelgebied rondom het dorp een drietal bankjes zou worden geplaatst. Ook de geluidsoverlast van een vrachtwagenbedrijf, een heel eind verderop, kwam ter sprake. Een wethouder van de gemeente waartoe het dorp behoort was ook aanwezig. Die zei, dat het overal in Nederland nou eenmaal drukker wordt. ‘Jawel wethouder’, riep een dorpeling hem toe. ‘Maar hou dat soort dingen toch in de gaten!’.

Punt twee was de verkiezing van een dorpsraadslid. Er hadden zich twee kandidaten gemeld, Margje en Johan. Maar in de dorpsraad, die uit zes personen bestaat, was maar één vacature. Dus dat werd stemmen. Eerst moesten Margje en Johan vertellen waarom ze in de dorpsraad wilden. Margje zei dat ze dacht dat ze op die manier meer betrokken zou raken bij het dorpsgebeuren. Johan vond, dat hij niet alleen maar van de prachtige omgeving in en om het dorp wilde consumeren maar er ook iets voor terug wenste te doen. Johan werd met een ruime meerderheid gekozen.

Toen werd de uitslag van de enquete bekend gemaakt. Die was een paar weken geleden gehouden om de wensen in het dorp te peilen. Uit de enquete bleek, dat 94% van de inwoners tevreden was met de sfeer in het dorp en dat 51% er vertrouwen in had dat die sfeer in de toekomst ook wel goed zou blijven. Over het winkelaanbod in het dorp was slechts 35% tevreden. Dat klopt ook wel, want er is, op de SRV-wagen na, in het hele dorp geen winkel te vinden.

Na de pauze was er een vertoning van dia’s. Op die dia’s stonden plekken in het dorp waar het, volgens opmerkingen in de enquete, beter kon. Regenplassen op voetgangerspaden bijvoorbeeld. Een straatlantaarn die het niet deed waardoor iemand ’s nachts met zijn fiets tegen een hond aan was gereden. En het plein zelf met eenden die lawaai maakten in de nachtelijke uren.

Na afloop van de vergadering kwam ik buitengewoon ontroerd thuis.
Geplaatst op: Vrijdag 30 mei 2008 om 12:01 uur
383380
bezoekers
© 2012 - Julius Pasgeld