|
Op weg naar RTV-west
Elke vrijdag begeef ik me rond half elf ’s avonds per rijwiel naar de studio’s van Radio West teneinde u te bedienen met mijn columns. Ik moet zeggen dat dat niet altijd meevalt. Vanwege mijn leeftijd knap ik daarvóór vaak even een uiltje in de stellige verwachting, dat ik dan weer fris en uitgerust zal zijn voor mijn voordracht. Om kwart over tien ’s avonds maakt mevrouw Pasgeld me wakker en steevast verkeer ik dan minutenlang in de veronderstelling, dat het reeds de volgende ochtend is. Maar nee. Het is nog steeds vrijdag en over een half uur word ik in de studio verwacht. Suf van zin sta ik op, schiet me in de kleren, prop het papier waarop mijn column staat benevens mijn leesbril in de zak van mijn colbert en bestijg mijn ijzeren ros.
Mijn weg voert over de verlaten, door lantarens beschenen Geestbrug, die, vooral als het motregent, zo op een schilderij van Edward Hopper had kunnen staan. Vervolgens geraak ik via de Voorburgse Hoekweg op het kippenbruggetje bij Drievliet. Onderweg hoor ik mensen hun huis op het nachtslot doen. Voor het kippenbruggetje stap ik af en loop er met mijn fiets in de hand overheen in de stellige overtuiging, dat ik figureer in een van de illustraties van Marten Toonder. Vervolgens sla ik rechtsaf de Jan Thijssenweg op. ‘Lange’ Jan Thijssen zat in de tweede wereldoorlog in de raad van verzet en was hoofd van de radiodienst aldaar. Maar nu leeft hij in naam bij de meesten slechts voort als een stuk van de route langs de Vliet naar de Hoornbrug. Zover moet ik niet. Ergens halverwege, naast een wit huis, kan men linksaf een onverharde weg op en daar moet ik heen. Het is er stikdonker vanwege de bossages aan weerszijden van de weg en rechts, langs de overdag o zo pittoresque knotwilgen, bevindt zich een rustieke sloot. Ik vergeet te vertellen, dat ik geen licht heb op mijn fiets. Derhalve kan ik slechts aan het knerpen van mijn banden, en aan niets anders, gewaar worden, dat ik mij nog op het wegdek bevind en niet daarnaast, waar behoorlijk dikke bomen staan tussen de sloot en mij. Maar niet overal. Links van mij bevinden zich, zo weet ik van overdag, weilanden waaronder straks, als het onzalige plan doorgaat, duizenden auto’s per uur zullen racen. Het Trekvliettracee. Zonder nut of noodzaak. Als voorbode van de hel. Alweer wat dichterbij. Zover is het nu echter nog niet. Een enkele maal wordt mijn pad vaag beschenen door verlichting uit villaatjes, opgetrokken in wonderlijke stijlen, die zich aan de overkant van het slootje bevinden. Maar meestal is men daar om kwart voor elf ’s avonds al naar bed. Zodat mijn voorband in het volstrekte duister tast en ik mezelf nauwelijks tot niet kan oriënteren op uiterst vage, donkergrijze plekken in de verte. Doorfietsen is nu een kwestie van wilskracht en vertrouwen. Meestal durf ik wel. Maar soms ben ik wat onzeker en val ten prooi aan de beklemmende gedachte dat ik zomaar de sloot in zal fietsen en dat mijn column en mijn leesbril dan drijfnat zouden worden en onder het kroos zouden komen te zitten. Dan stijg ik af en wordt niet zelden gewaar, dat mijn mijn voorwiel zich op nog geen vijf centimeter van een boom bevindt. Verderop het weggetje staan wat bedrijven en kantoren die ’s nachts hun licht menen te moeten laten schijnen over het aardse tranendal dat Hoornwijck heet. Zodat ik fietsend mijn pad kan vervolgen. Dat eindigt tenslotte met een fikse bocht in de bewoonde wereld. De beschaving die daarmee gepaard zou moeten gaan kondigt zich dan ook dra aan in de vorm van het roodbakstenen gebouw van RTV-West. Mijn fiets hoef ik hier op dit tijdstip waarachtig niet op slot te zetten. Ik bel aan en de dienstdoende geluidstechnicus doet open. Ik begeef me naar de studio, en neem plaats voor een microfoon en zet een koptelefoon op. Presentatotor Paul Waayers kondigt mij om precies vijf voor elf aan. Een weemoedig deuntje zet in en sterft langzaam weer weg. Ik begin: ‘Elke vrijdag begeef ik me rond half elf ’s avonds per rijwiel naar de studio’s van Radio West teneinde u te bedienen met mijn columns. Ik moet zeggen dat dat niet altijd meevalt.’
Geplaatst op: Zaterdag 26 augustus 2006 om 16:27 uur
|
383380
bezoekers |