Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Oranje

Ik zeg het maar even voordat het niet meer kan of niet meer mag. Voetbal is uitgegroeid tot een idiotie die volstrekt in strijd is met de menselijke waardigheid. De oranje-gekte is buitengewoon infantiele bull-shit, gebaseerd op lage instincten zoals haatgevoelens, rancune en wrok. Geestelijk gestoorden hullen hun auto’s, hun huizen en zich zelf in zoveel mogelijk vrolijke oranjetinten om hun eigen troosteloze gelaatstrekken aan de omgeving te onttrekken.

Wat ooit begon met een oranje balletje op de auto-antenne en een oranje vlaggetje voor het raam is onder leiding van brallende media en slinkse biermagnaten verworden tot een terreur die zijn weerga niet kent.
Ooit was er één bewoner in mijn straat die zich met één touwtje vol oranje vlaggetjes in zijn tuin wat al te enthousiast achter onze jongens schaarde.
Sindsdien hangen de tuinen vol, komt het kwaad steeds nader en vrees ik met grote vreze de dag dat er ook bij mij zal worden aangebeld met het verzoek of er aan mijn gevel ook een touw met wapperend oranje mag worden bevestigd.
En dan mag ik nog blij zijn als ze het me vragen. Want het oranjevolkje ziet er doorgaans niet zo vragerig uit. En wat moet ik dan? Nee zeggen? Nee, je mag geen touw met oranje aan mijn gevel vastmaken? Dan ben ik straks de enige in mijn straat. En dan zal iedereen denken: kijk, daar woont die lijp die niet van voetbal houdt. Die dorpsgek. Die achterlijke hondelul. Die kankerjood.
Moet ik dan ja zeggen? Ja, jullie mogen een touw vol met wapperend oranje aan mijn gevel vastmaken? Nee. Nooit van mijn leven. Dat is mijn eer te na. Ze mogen me op de brandstapel leggen. Maar ik blijf gaan voor menselijke waardigheid. Ook in moeilijke tijden. Wat zeg ik? Juíst in moeilijke tijden! Want nog nimmer liep de scheidslijn tussen dom en slim zo duidelijk. De dommeriken markeren hun eigen domheid met oranje. Hoe meer oranje hoe dommer. Kijk, zeggen ze: tot dáár waar het oranje gaat, gaat mijn domheid. Tot waar het oranje ophoudt, heerst mijn terreur van tribale regressie. Ze zijn zo dom dat ze niet eens in de gaten hebben dat ze hun eigen kortzichtigheid zo duidelijk markeren. Waar het oranje kleurt heerst het fascistische credo van de masa. Volksmenners als Wilders, Nawijn en Pastors hoeven deze dagen maar uit een vliegtuigje naar beneden te kijken om te zien waar hun kiezers zitten. Want waar het niet oranje kleurt heerst de nuance, de beoordeling per situatie, de tolerantie, de vrijheid om te denken wat je wilt, de vreugde dat ook een ander doelpunten kan maken. Daar moeten onze volksmenners dus niet zijn.

De komende maand zal er veel zijn dat oranje kleurt. Oranje helmen, oranje staarten, oranje broeken. Oranje huizen, Oranje auto’s. Oranje piemels. Oranje kutten. Wat kan mij het schelen. Eigenlijk is het nog geheim, maar ik zal het toch vertellen: geleerden zijn al flink gevorderd met de ontwikkeling van een gen waarmee men oranje kinderen krijgt. Voor het leven getekend door voetbalenthousiasme! Wat kan er mooier zijn op de wereld!

Toch zit er een groot voordeel aan dat kudde instinct. Want als iedereen met zijn oranje hosen en oranje staarten en hun oranje hitlersnorren hutje mutje zit opgepakt in cafees met grootbeeldteevees, of thuis met oranje ondergoed naast torenhoge stapels kratten met oranje bier op de oranje canape naar hun oranje flatscreens zit te koekeloeren en zich een hartverzakking schreeuwt bij ieder doelpunt... dán is mijn moment aangebroken.

Dan ga ik wandelen en fietsen door een doodstille stad.
De hele stad zal dan namelijk van mij zijn. En van mij alleen.
Geplaatst op: Zaterdag 10 juni 2006 om 12:06 uur
383380
bezoekers
© 2012 - Julius Pasgeld