Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Over ballerinussen en Sinterklazina`s

 Het verschil tussen man en vrouw blijft boeien. De een doet tegenwoordig allerlei wanhopige pogingen dat verschil onder tafel te vegen. Terwijl de ander juist op de bres staat dat verschil te benadrukken.
Neem nou beroepsnamen. Moet in die namen tot uitdrukking komen, dat het in het ene geval om een man gaat en in het andere geval om een vrouw? Of maakt het, bij welke beroepsuitoefening dan ook, tegenwoordig niet meer uit of men een penis of een vagina heeft?
Ik weet het zo langzamerhand niet meer.
Wel weet ik, dat we er de afgelopen tijd een zooitje van hebben gemaakt.
Neem nou het onderwijs. We hebben meesters en juffen. Leraren en leraressen.
Maar in het universitair onderwijs alleen maar hoogleraren. Hoogleraressen bestaan niet. Waarschijnlijk omdat vrouwelijke hoogleraren ook graag gewoon ‘hoogleraren’ willen worden genoemd. Want hoogleraar is al hoog genoeg.
Hetzelfde geldt in de rechtspraak. We hebben advocaten en advocates. Maar alleen rechters. Want rechterinnen, rechteressen of rechterina’s bestaan niet. Die willen graag gewoon rechters worden genoemd. Want dat is al belangrijk genoeg. Zo is rechter Miriam de Bontridder zelfs plaatsvervangend raadsheer bij het Amsterdams gerechtshof.
In de balletbranche is het andersom. Daar fungeren weliswaar zowel balletdansers als balletdanseressen. Maar verder alleen ballerina’s.
Ballerinussen zijn er wel. Maar worden niet zo genoemd.

Laat ik me gelijk maar in de ellendige diepten van het ikke ikke en de rest kan stikken gooien: De nomenclatuur van Sint en Piet.
Zwárte Piet mag tegenwoordig niet meer. Waarom mag Joost weten. Maar gewoon ‘Piet’ nog wel. Ook al heet ze Willy.
Roetveegpiet mag ook. Maar Roetveegwilly? Of Roetveegesmeralda? Nooit van gehoord.
Sinterklaas idem dito. Nooit stak er een Sinterklazina de kop op. Terwijl je dat, uit oogpunt van de gelijke behandeling tussen man en vrouw wel zou mogen verwachten.

De afgelopen week ontstond in de krant een fikse discussie tussen ene Monique Gooren en ene Faas Zwart.
‘Liever geen ‘loodgieter m/v’, zei Monique. ‘Maar wel loodgietster. Want de vrouwelijke vorm is er niet voor de show’.
‘Onzin’, meende Faas. ‘De stamvorm ‘loodgieter’, dus de mannelijke, maar in feite geslachtsneutrale vorm, is het beste’. Daarbij zagen beiden over het hoofd, dat loodgieters zowel als loodgietsters tegenwoorig vrijwel geen lood meer gieten. Dus dat die hele beroepsnaam, al dan niet met (s) of m/v, aan iets nieuws toe is. ‘Klusjesman’ misschien?
Ach, nee. Stom! Ik kan me wel voor de kop slaan! Natuurlijk niet. Want een ‘Klusjesvrouw’ bestáát helemaal niet.

Zo bestaat er geen wasman maar wel een wasvrouw. Geen peutermeester maar wel een peuterjuf. Geen koffiemeneer maar wel een koffiejuffrouw. En zo kan ik nog wel even doorgaan.

Rest de vraag waar men zich druk om maakt als men zich aan dergelijke verschillen stoort. De enige conclusie kan dan zijn, dat we leven in een fantastische wereld! Een wereld waarin we tijd en energie te over hebben om ons over dergelijke flauwe kul druk druk te maken.
Jawel. Want ik zie de dingen altijd graag van de positieve kant.
Geplaatst op: Donderdag 3 december 2020 om 08:18 uur
1882938
bezoekers
© 2021 - Julius Pasgeld