Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Rijswijk- Kijkduin vv

-Ruim veertien jaar, van 1974 tot 1988, reed ik vrijwel iedere dag met de auto van mijn huis in Rijswijk dwars door Den Haag naar mijn werk in Kijkduin.
In 1974 deed ik daar 15 minuten over en had ik twee stoplichten op mijn weg. Daarna begon de ellende. In 1988 mocht ik blij zijn als ik de rit naar Kijkduin in een half uur volbracht. Er waren inmiddels ook flink wat stoplichten bijgekomen. Hoeveel weet ik niet precies meer.
Laatst moest ik weer eens in Kijkduin zijn. Kom, dacht ik. Laat ik m’n ouwe route nog eens nemen. Ik telde de stoplichten. Het waren er vierentwintig. Vierentwintig! De rit van Rijswijk naar Kijkduin bleek nu trouwens 48 minuten te hebben geduurd.

-Een gemiddeld kruispunt heeft, vaak afhankelijk van het verkeersaanbod, een stoplichtencyclus van, pak hem beet, 100 seconden. Dat wil zeggen dat na 100 seconden alle mogelijke richtingen zijn bediend en de zaak weer van voren af aan begint. In die cyclus zitten gemiddeld vier verschillende bewegingen plus nog wat oranjetijd. Stel dat jouw groen 20 seconden duurt. Dan maakt jouw groen dus 20 procent van de cyclus uit.
Met andere woorden: de kans, dat een stoplicht voor je op groen staat is 20 procent.
En nu wordt het interessant. Op mijn route naar Kijkduin staan 24 stoplichten. Je zou dus kunnen zeggen dat er dan 20 procent van die 24 stoplichten op groen zouden moeten staan als je aan komt rijden. Dat zijn dan 5 van de 24 stoplichten.

- En? Waren dat inderdaad 5 groene lichten toen ik laatst naar Kijkduin reed? Hou toch op, schei toch uit! Toen ik naar Kijkduin reed stonden er twee op groen. De rest was rood.

-Toeval?
Had ik het slecht getroffen?
Weet je wat, dacht ik: ik rij nog tien keer naar Kijkduin en terug. Wat kan mij het schelen! En dan noteer ik nauwkeurig hoeveel keer er onderweg stoplichten op groen staan.
Zo gezegd zo gedaan. En wat bleek? Van de 24 stoplichten op weg naar Kijkduin stonden er tijdens die tien ritten gemiddeld 2,3 stoplichten op groen. Dat is 9,5 procent. Terwijl dat volgens de stoplichtencyclusberekening 20 procent zou moeten zijn! Dat kan dus niet. Tenzij de Haagse stoplichtenbaasjes gerommeld hebben met de stoplichten en heimelijk, op bevel van hogerhand, allemaal rode golven hebben ingebouwd. Hetgeen ik hier absoluut niet uitsluit.

- Voor de zekerheid nu nog even andersom. Vanuit rood geredeneerd dus. Ik sta onderweg voor 21,7 stoplichten voor rood. Dat duurt 80 seconden per stoplicht. Dat wachten voor rood duurt de hele rit naar Kijkduin dus (21,7 x 80 seconden =) 29 minuten.

- Mijn rijtijd met twee stoplichten bedroeg in 1977 15 munuten. Nu, in 2010, doe ik er, met 24 stoplichten, 48 minuten over. Dat klopt dus wel: 29 minuten wachten plus 15 minuten rijden is 44 minuten. Ik heb in ieder geval niet overdreven.

En nou hoor ik u denken, goh, daar zit Pasgeld weer te zaniken dat het vroeger allemaal beter was. Maar nu heb ik dat dan eindelijk eens een keer bewezen. Dat vroeger alles beter was, bedoel ik natuurlijk. Niet dat ik een ouwe meut ben. Dat doe ik een volgende keer wel weer eens.
Geplaatst op: Vrijdag 19 november 2010 om 10:17 uur
1698333
bezoekers
© 2020 - Julius Pasgeld