Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Spooktocht voor kinderen

Géén Halloween in ons dorp. Géén Sint Maarten. Maar op vrijdag 13 november wèl een spooktocht voor kinderen. ’s Avonds om half acht verzamelen ruim 30 kinderen zich in het dorpshuis. De jongere kinderen worden op hun tocht langs de huizen voor de zekerheid begeleid door een volwassene. De oudere kinderen willen het zonder doen.

Achter ruim 20 ramen in en rond het Dorpsplein hebben bewoners zich de voorgaande dagen ingepannen iets spookachtigs te presenteren. In hun voortuin. Of achter hun voorraam. Soms met zichzelf als griezel. Vaak ook met een entourage van huiveringwekkende zaken.
Als tegenwicht mag de jeugd zich, na al dat gehuiver, vergasten op het snoep en het fruit dat in emmertjes, schalen en tassen bij de voordeuren staat.

Het begint al in het Dorpshuis. In een zaaltje vol rook, skeletten en enge geluiden heet een heks de kinderen welkom. Waarna een vampier alvast een praatje houdt over de dingen die ze kunnen verwachten. Zowel heks als vampier spreken namen het organiserende dorpscomité.
Dan voert de tocht, aangegeven door lichtgevende balonnen, langs flitslichten, pompoenen, spinrag, met bloed besmeurde spook-toga’s, enge idioten, en nog engere clowns, die vol afschuw met hun spierwitte of knalrode gezichten naar de kinderen staren.

Zelf ben ik ook zo’n spook. In bont gehuld en uitgerust met grote starogen zit ik achter mijn voorraam de stoet te beangstigen. De nacht daarvoor had ik me vertwijfeld afgevraagd wat er nou eigenlijk zo leuk was aan het bangmaken van kinderen. Maar nu ik diezelfde kinderen in werkelijkheid gierend van het lachen aan me voorbij zie trekken, en elkaar zie wijzen op die stomme idioot daar achter het raam, doe ik er maar een schepje bovenop en schraap krijsend en krassend mijn nagels langs het vensterglas en spring nu en dan op uit mijn stoel. En moet constateren dat mijn vrees in de afgelopen nacht beduidend hoger was dan die van de kinderen thans.

Voort gaat de tocht. Langs een ton vol met in spaghetti en slijm verborgen (verpakte) snoepjes. Langs een opengedolven graf waar een stoffelijk overschot wordt verlicht door talrijke waxinelichtjes die er in een cirkel omheen staan gegroepeerd. Langs twee spookhuizen, in hun tuinen ingericht door twee leden van de jeugdsoos. Langs mijn buurman die in een lang, zwart gewaad de duivel staat te imiteren. Langs heksen met enorme hoofddeksels die de kinderen trakteren op een glas limonade. Langs een leden van de jeugdooskinderwagen met een baby zonder hoofd.
En zo had bijna iedereen in ons dorp wel wat ‘leuks’ verzonnen.

‘Goed voor de saamhorigheid in het dorp’, meent een van de organisatoren de volgende dag.
En Jort (11): ‘Natuurlijk vinden we de clowns eng. Maar dat is juist leuk. Ik kijk ook altijd naar ‘It’ op de TV. Dat is een horror-mini-serie. Dat is pas echt eng. Toch kijkt bijna de hele bovenbouw daarnaar’.
Danique (11): ‘Het was juist leuk om te schrikken’.
Britt (10): ‘Iedereen had wel iets leuks verzonnen. Helemaal niet eng’.
En Luc (10): ‘Ik heb daarna prima geslapen hoor’.

Nou. Dat is dan ook weer een hele zorg minder.
 
Geplaatst op: Donderdag 19 november 2020 om 08:23 uur
1863206
bezoekers
© 2020 - Julius Pasgeld