Julius Pasgeld
Julius Pasgeld

Verbod op spreekwoorden over dieren

Tijdens de afgelopen biljartsessie in het Dorpshuis vertelde Dries dat hij in de krant had gelezen dat de organisatie tegen dierenmishandeling actie ging voeren om voortaan spreekwoorden en uitdrukkingen te verbieden waarin namen van dieren voorkomen.

Onmiddellijk dacht ik aan nepnieuws. Zó idioot zou het toch niet kunnen? Maar jawel hoor. Suus, de uitbaatster van het Dorpshuis, zocht op haar smart-phone wat gegevens op over deze kwestie. En waarachtig: de PETA (People of the Ethical Treatment of Animals) had via haar woordvoerdster Debra Wolford laten weten, dat we voortaan geen spreekwoorden meer mochten gebruiken waarin de naam van een dier voorkomt.
Zo vond Debra dat we voortaan in plaats van ‘de koe bij te horens vatten’,‘de roos bij de doorns vatten’, moesten zeggen.
Want anders is het zo zielig voor de koeien.

Nog meer voorstellen van Debra:
-In plaats van ‘De hond in de pot vinden’, ‘De grond in de pot vinden’.
-Niet meer ‘Twee vliegen in een klap’, maar: ‘Twee keer lachen om een grap’.
-Geen ‘Oude koeien uit de sloot halen’, maar: ‘Oude fietsen uit de sloot halen’.
En zo maar door.

Hele eeuwen uitdrukkingsvaardigheid worden hiermee in een klap van de tafel geveegd. En dat terwijl die spreekwoorden met dieren erin eerder beledigend voor mensen dan voor dieren zijn.

In de biljartzaal kon er dan ook nauwelijks begrip gevonden worden voor dit krankzinnige standpunt. ‘Daar lusten de honden toch geen brood van?’, klonk het. En uit een andere hoek: ‘Wat een lijpkikker, die Debra. ‘Wat maakt het nou uit? Of je een hond nou Fikkie noemt of Keesje, het is en blijft hetzelfde beestje’.

Daarmee was het eerste schaap over de dam. Er volgden er meer:
Toen Hannes op een haar na een moeilijke bal miste: ‘Daar school een addertje onder het gras’’
En toen ik Dries een suggestie deed hoe hij het beste kon stoten: ‘Commandeer je hond en blaf zelf’,
Geerard vond, dat ik er wel een column over kon schrijven. Dat vond ik een goed idee. Waarop Hannes zei: ‘Hoe groter geest hoe groter beest’.
En zo ging het wel een uur door. Het was bij de konijnen af.

‘Laten we er maar mee ophouden’, zei ik. Anders wordt het een obsessie’.
‘Dat is het al’, zei Hannes.
‘Ja, maar we moeten van een mug geen olifant maken’, vond ik.
‘O’, reageerde Hannes. ‘Ben ìk zeker weer de gebeten hond?’.
Het was even stil.

‘Kat in het bakkie’, zei Dries nadat hij een serie van drie had gemaakt.
Als door een wesp gestoken reageerde ik toen Hannes me voor aap had gezet nadat ik op een haar na een bal had geraakt: ‘Je maakt me blij met een dode mus, man’.
‘En jij?’, voegde Geerard daar, met een gezicht als een oorwurm aan toe. ‘Wat doe jij? Jij legt op alle slakken zout’.
‘Struisvogelpolitiek’, wist Hannes de zaak samen te vatten.

Na afloop, aan de bar tijdens de borrel, bood Suus (voor wat betreft het biljarten zelf een vreemde eend in de bijt, maar op het terrein van het weerwoord bepaald geen katje om zonder handschoenen aan te pakken) aan, om verder op internet te zoeken naar spreekwoorden met dieren voor mijn column:
‘Helemaal niet’, wierp Geerard in zijn rol van het beste paard van stal tegen. ‘Julius heeft tijdens het biljarten van ons het neusje van de zalm gekregen waar het spreekwoorden met dieren betreft. Daar doet-ie het maar mee’.
Na ampele overwegingen besloot ik daar als een kip zonder kop op te reageren. Maar voordat ik dat kon doen hief Dries het glas en sprak de overgetelijke woorden: ‘Proost! Beter één borrel in de hand dan tien in de lucht’
.
Eindelijk iemand die het voorstel van Debra Wolford in de praktijk had gebracht.
 
Geplaatst op: Donderdag 20 december 2018 om 08:40 uur
1524960
bezoekers
© 2019 - Julius Pasgeld